You are currently browsing the monthly archive for augustus 2005.
B zat met zijn benen over de rand van de put in de woestijn waar Draak zijn vuurslaap had gehouden. Draak zat aan de overkant van de put, achter Draak ging de zon onder zodat Draak een silhouet was.
B had het idee dat Draak nog groter was geworden. Hij wist het niet zeker. In iedergeval imposanter. B bengelde wat met zijn benen.
“Mooie boel Draak.” B keek in de put. “Mooie boel met S.” Draak’s silhouet dampte wat.
“Tis nauwelijks begonnen of het kan al niet meer.”
“Tut tut.” zei Draak alleen.
“Ok ok, het kan wel maar onder voorwaarden.”
Draak knikte.
“Nee Draak. Ik heb wel wat beters aan mijn hoofd.”
“Oh?”
“Soulmates…” mompelde B wat voor zich uit.
“Begin je nu alweer?” baste de Draak en de put echode mee.
“Nee, nee, sorry. Maar zij denkt…”
“Wat wil je dat ik doe?” siste de draak en keek als een beledigde kat naar z’n baasje die na een maand vakantie thuiskomt.
B wist dat hij met vuur speelde, Draak was geïrriteerd. Draak had energie en geen zin in futiliteiten.
“Wat kan ik nu doen Draak?”
Draak kalmeerde meteen. Eindelijk een ouderwetse duidelijke vraag ipv overtollige gepieker. Hij strekte zijn rug. En keek richting ondergaande zon.
“Het onmogelijke.” antwoordde Draak.
Het vuur stopte.
Draak bleef nog even onbeweeglijk staan. Na een minuut sloot hij innerlijk zijn ogen, en opende ze uiterlijk. Daarna haalde hij diep adem.
“Pfoeh…” bromde hij en kuchtte meteen; hij had zijn stem al maanden niet meer gebruikt. Hij bewoog zijn kop heen en weer waarbij z’n nek loskraakte. Hij keek omhoog en zag dat toevallig net de maan door de bovenkant van de put naar binnen scheen.
Niets hield hem nog tegen. Hij schoot omhoog, als een kernraket uit een silo en gaf een luide enthousiaste gil toen hij uit de put vloog.
B viel om van de schrik, hij hoorde wel iets rommelen. Maar had geen idee… Hij volgde het maaverlichte rookspoor van de draak, die eerst recht en daarna duidelijk ballistisch begon te worden. Aan het einde van het rookspoor zag hij een klein vuurballetje. Draak testte zijn ingewanden. Draak vloog juichend door de donkere lucht, bevrijd van zijn vuurslaap, zijn energie barstte bijna uit zijn lichaam. Hij kwam nu heel laag aanscheren en trok nog een heel spoor door het zand voor hij vlak voor B stopte. De Draak glansde en zijn ogen stonden vuriger dan ooit.
“Wat is dat nu voor gedonder?” zelfs zijn stem was dieper en indringender.” Gedonder… van: Er kan er maar één zijn?” Hij hield zijn hoofd vertrouwd scheef, als een puppie verlangend naar een koekje.
B lachte. “Draak!” riep hij, rende naar hem toe en omhelsde onhandig een deel van zijn neus.
“Ik ben blij dat je er weer bent Draak!” B liep naar achteren om in de grote ogen van de Draak te kijken..
“Je hebt geen antwoord gegeven.” baste de Draak dreigend.
B sloeg zijn ogen neer. “Het is niet gelukt Draak, er blijft er maar één.”
“Één wat?”
” Er kan er maar één zijn.”
“Waar heb je het nu over?” draak wist het al lang, maar niets zo belangrijk als dat B het zichzelf zo duidelijk mogelijk kon horen zeggen.
“Er is maar één ware liefde, soulmate. En zij is het, en ik kan haar maar niet loslaten, de liefde van mijn leven.” die laatste woorden klonken als het ruisen van de wind; altijd en eeuwig.
Draak keek alsof hij met een enge sekte in aanraking was gekomen, maar besloot te zwijgen.
“Of ze is het gewoon niet.” zei B. “Rationeel gezien is ze het niet, ze wil me niet klaar over en uit. Maar gevoelsmatig zit ik totaal in de andere hoek.”
De ogen van draak leken van kleur te verschieten. “Het voelt alsof zij de ware is, ging B verder. “Terwijl mijn verstand alleen maar met zijn vingers naar z’n voorhoofd wijst, mijn verstand vindt haar een stomme dramaqueen, verwend en in de war. Maar mijn gevoel vertelt van liefde, verdriet en tederheid, herkenning en een heel sterke liefde.”
Draak kreeg hoop, dit klonk tenminste weer normaal.
“en het voelt zo sterk, alsof het er altijd al geweest is, en ik altijd al van haar gehouden heb. En het voelt ook alsof zij van mij houdt, maar het niet kan, omdat er allemaal verleden en psychische brandmerken tussenzitten. En nog steeds denk ik dat ik voor haar moet vechten. En dat zij de ware is.”
Draak tuitte zijn lippen.
“Houdt je kop B.” zei hij bijna achteloos. B schrok, het klonk rustig en toch met autoriteit.
“Wat…”
“Houdt je kop gewoon… ik heb net maanden in een vuurslaap gezeten, een situatie die levensgevaarlijk is, ja natuurlijk ook louterend en ik barst weer van de energie, maar een verkeerde beweging in zo’n toestand en ik zou levend zijn verbrand, en het eerste wat ik na mijn bevrijding moet aanhoren is jouw gelamenteer over hoe je je verdriet interpreteerd.”
“Jezus…”
“Nee, ik heb totale respect voor je verdriet, maar niet voor al die bedenksels erbij, en je gevoel, je hebt het steeds maar over je gevoel en dan komt me er toch een ongelofelijk verhaal wat alleen maar op denken wijst.”
“Maar…”
“Niks maar, het is je ratio die juist vertelt dat jullie bij elkaar horen, het is je ratio die continue in je hersens aan het tetteren is dat wat jij voelt zo bijzonder is dat het wel de ware liefde moet zijn.
Je mist haar B, en je bent gek op haar. En je hebt verdriet omdat ze je niet wil, en bij dat verdriet is er een heleboel oud zeer bovengekomen wat je nu aan het verwerken bent omdat je weet dat het liefde in de weg zit.”
“Ik…”
“Ja, ik B, ik. Weet je die ster die verre ster in het melkwegstelsel die jij zo omarmde.” Draak keek illustratief omhoog en daarna naar B. “Wat is er mis met die steen waar je op zit B?”
B sprong meteen op en keek naar de steen waar hij op zat.”He wat?”
“Die steen B, die steen is uit hetzelfde materiaal afkomstig als die verre ster, weet je wel, de aarde is uit sterren ontstaan. Jij bent uit sterren ontstaan. Je bent zelf een geevolueerde ster. En die ster daar in de verte heeft je niets meer te bieden dan dat wat er recht onder je eigen kont zit. Niks meer dan wat je zelf al bent…”
B voelde woede in zich opkomen.
“Ja ik ken dat Draak, dan komen we uit bij dat gezeik van tel je zegeningen, wees blij met wat je hebt, en verpest dat nou eens niet met wat je niet hebt. Ja, laten we elkaar gaan bekogelen met tegelwijsheden.” B werd steeds razender. “zoekt en gij zult vinden versus wanneer je iets heel hard zoekt dan vind je het niet, of dat geleuter van die vrouw die zo graag zwanger wilde worden maar het lukte maar niet, en toen ze het opgaf werd ze zwanger. Terwijl er miljoenen vrouwen zijn die gewoon zwanger willen worden en dat ook worden! Verdomme het slaat allemaal nergens op.”
Draak kneep zijn ene oog een beetje dicht.
“Wat ik zeg B, je bent gek op haar, en je mist haar. Ze wil niet. En jij wel. En dat doet pijn. En bij die pijn blijkt heel veel oud zeer te zitten. Iets wat je nu aan het verwerken bent en dat is alles.”
Draak zweeg een indrukwekkende stilte. B hij voelde zijn hart en dat sprak van één liefde.
Draak zag het, en glimlachte.
“Juist B, en als je heel goed luistert zul je horen over wie dat hart spreekt.”
Mijn vader reageerde vrij direct toen ik vertelde dat mijn weblog naam Badaboem was.
“Maar dan neem je jezelf toch helemaal niet serieus?” Waarna hij grappen begon te maken over TararaBoemdiee. Overigens ook een hele leuke naam.
Maar de gedachte liet me niet los. Het is inderdaad een beetje een baby geluidje. Badaboem. Uiteraard is het niet los te denken van Badabing Badaboom. En daar zal het woord ongetwijfeld ook vandaan komen.
En in het Duits is het al helemaal een verdacht woord.
Waarom noem ik mij eigenlijk badaboem? Tot nu toe is er maar een persoon op deze aardkloot die direct “The Fifth Element.” riep.
En inderdaad, de naam heb ik ontleend uit de film the Fifth element. Met Bruce Willis als Korban Dallas en Milla Jovovic als Leeloo. Ze vormen samen uiteindelijk het vijfde element waarmee het kwaad, in de vorm van een donkere materie komeet, kan worden afgewend. En het 5e element is liefde. De liefde tussen Korban en Leeloo.
Badaboom komt van de eerste ontmoeting tussen Leeloo en Korban Dallas. Leeloo valt van grote hoogte door het dak van de vliegende taxi van Dallas. En het eerste wat ze zegt is: “jalaboom” Dallas gaat daarop in en zegt ‘boom’ dan zegt Leeloo ‘badaboom” ze herhalen ze dit woord naar elkaar en zo vormt zich min of meer het begin van de band tussen Korban en Leeloo. De chemie tussen die twee vond ik erg leuk.
Badaboem verwijst met een flinke omweg naar het 5e element, naar de liefde dus.
Hier het geluidsfragment.
In London is een tijdje geleden alweer een Braziliaan per ongeluk doodgeschoten, omdat de politie dacht dat het een terrorist met een bom in de rugzak was. Het hoofd van de politie z’n baan staat op het spel omdat hij fouten heeft gemaakt. Hij zou de ware toedracht hoe het ongeluk is gebeurd in de doofpot hebben willen stoppen.
De pers lust ‘m rauw en de bevolking schreeuwt om gerechtigheid. Die man moet min of meer weg.
Wat men maar kennelijk niet begrijpt is dat dat nu allemaal precies past in de bedoeling van zo’n terroristische aanslag.
Draak? Draak?
Een peilloze diepte met geluiden onderin. Niets was zeker. Draak zat gevangen in zijn eigen vuur. Hij kende dit. Hij wist dat alleen onbeweeglijkheid hem redden kon. Elke beweging schroeide dat zelfs een draak het niet kon verdragen. Draak leek op zich onaangedaan, zijn ogen waren gesloten en z’n ademhaling was rustig.
B zat op zijn knieën aan de rand van een grote ronde put midden in een woestijn. Hij riep de Draak, hij wist dat Draak daar beneden was.
Draak!
Maar Draak antwoordde niet.
Draak, ik heb je nodig, het werkt niet, het systeem werkt niet. Ik voer het nu al maanden uit. Ik probeer van alles. Maar het WERKT NIET.
Draak hoorde B wel. Heel zachtjes en ver weg. Maar hij kon geen antwoord geven. Anders verbrandde hij zijn tong. B was te vroeg, de ongeduldige. Draken hebben nu eenmaal een vuurslaap om de tien jaar. Een reinigingsritueel zeg maar, lastig maar niets bijzonders, als je tenminste niet bewoog.
Voor dat Draak zijn vuurslaap was ingegaan had hij B een opdracht gegeven. Het uitvoeren daarvan zou ongeveer de tijd van een vuurslaap zijn. Maar hij was nu op de helft en B riep hem al. Wat was er mis gegaan? Het systeem werkte altijd.
“Draak?” riep B maar nu wat zachter. Het was vergeefs natuurlijk. Hij moest wachten wachten tot draak weer terug was. Wat wist draak van vorige levens en soulmates? B was in de war. Twee werelden vochten om elkaar in zijn hoofd. De ene sprak van karma en vele levens, de andere gewoon van nuchtere pragmatische waarheden. één leven en dat is het.
Zijn ratio sprak van het pragmatische, zijn hart schreeuwde het uit van karma. B wist het niet. Beide verhalen waren even sterk. Maar er kan er maar een waar zijn.
B ging zitten met zijn rug naar het diepe gat. Hij zuchtte. “Er kan er maar één zijn.” riep zijn hart.
“Je leeft maar een keer.” sprak zijn hoofd.
De wind ging liggen, en de zon ging langzaam majestueus onder. B ging liggen en wachtte op de sterren. Eerst zag hij er een, daarna meer. De melkweg kwam op, en hing daar, zo onverstelbaar groot te zijn. Miljarden sterren, miljarden mogelijkheden, zoveel keuzes.
En toch sprak zijn hart maar van één ster.
“Er kan er maar één zijn.” fluisterde B. En hij omarmde vertwijfeld zijn ene glinstering zo ver, en zo dichtbij.
Honderden meters lager zat draak, hij pikte wel iets op van B zijn gedachtes. Hij dacht, na, was er iets dat hij was vergeten? Had hij iets over het hoofd gezien…
