You are currently browsing the tag archive for the 'Lao Tzoen' tag.

De top van de berg bevond zich in de wolken. Op die top lag een grote steen. Daarop zat Lao Tzoen in kleermakerszit. Zijn ogen gesloten en zijn mond in een flauwe glimlach.

Een reiziger in witte kleding kwam uitgeput aan, eerst zag hij alleen in de mist wat schaduwen. Eenmaal dichterbij zag de reiziger Lao Tzoen.

“Oh Lao Tzoen.”

Lao deed zijn ogen open en knikte met zijn hoofd.

“Wijze Lao, ik heb een brandende vraag. Een vrouw die ik ken verlangt naar Eindeloze Liefde. Dat is hoe ze het zegt, kan ik haar dat geven… en zo niet hoe kan ze het vinden?”

Lao trok een wenkbrauw op. “Als liefde geen einde heeft…” Lao zweeg en het werd stil… heel stil.

De reiziger wachtte vol smart op het antwoord.

“Als liefde geen einde heeft, heeft het ook geen begin.”

“Maar…”

“Dus eindeloze liefde moet er al zijn.”

“Ik…”

“Dus, kun jij het haar niet geven, zij kan het niet vinden, noch kan ze er naar verlangen, want iets zonder begin en einde, zoiets is er al lang, was er al eeuwig en zal er ook eeuwig zijn.”

De reiziger was van slag en stotterde. “Maar maar, wijze Lao, waarom verlangt ze er dan naar. als het er al is?”

“Wie verlangt er naar de lucht, wie verlangt er naar een ademhaling? Wie verlangt er naar het kloppen van zijn Hart?”

“Nou ja, niemand?”

“Omdat je weet wat het is.” zei Lao snel. 

“Ze weet wat het is?” zei de reiziger lichtelijk teleurgesteld.

“Ze heeft niet herkend wat er altijd al was.”

“Hoe kan ze het dan herkennen?” zei de man wanhopig.

Lao stond op. “Het is te hopen.” zei hij haastig. “Dat het haar herkend.” hij sprong behendig van de grote steen en verdween in de mist. De reiziger stond er verslagen bij. Moe van zijn lange tocht. Moest hij haar dit vertellen? Wat kon hij ermee… hij had liefde in haar herkend… toegegeven, geen eindeloze liefde. Maar ze had een sprankelende geest. En… De reiziger ging op een kleine steen naast de grote steen zitten waar Lao had gezeten. Hij slaakte een vermoeide zucht. Hij sloot zijn ogen en mediteerde. Minuten verstreken, uren…

“Zo ben je daar nog steeds?” zei Lao die ineens weer op zijn steen zat. De reiziger schrok op uit zijn meditatie.
“Ja oh wijze Lao, ik was moe en wilde wat rusten. En uw woorden overdenken.”

“Wat heb ik gezegd dan?” zei Lao en beet in een appeltje.

“U ehm, zei toch dat u hoopte dat de vrouw waarvoor ik kwam zou worden herkend door de eindeloze liefde die ze graag wil.”

“Heb ik dat gezegd?” zei Lao onder de indruk.

“Weet u dat niet meer?” zei de Reiziger.

“Ach, ik zeg zo veel.” Lao nam nog een hap.

De reiziger stond weer op, lichtelijke geirriteerd.

“Hou je van haar?” vroeg Lao Tzoen.

“De reiziger draaide zich om. En liep op Lao af.

“Ja, met alles wat ik heb. Ik hou van haar, maar ze wil me niet, en dat is haar goed recht. Alleen lijkt het erop of ze gewoon bang is voor intimiteit. Het lijkt alsof het niets met mij persoonlijk te maken heeft. Ze wil zelf die eindeloze liefde voelen.”

“Maar jij houdt van haar.” zei Lao.

De reiziger knikte. “Ja oh wijze Lao Tzoen.”

Lao knikte goedkeurend.

“Dan is daar in iedergeval niets mis mee.” zei Lao en nam een laatste hap.

De reiziger raakte ontroerd en zweeg terwijl Lao het klokhuis ver weg gooide.

“Maar ik voel het ook bij haar, oh wijze  Lao, ik voel dat het ook bij haar is, zelfs voor mij. Ik kan het voelen.”

“Niet alles is even duidelijk Reiziger. Niet alles is altijd even duidelijk. Leer te leven met onduidelijkheden van anderen. Ontdek of het goed is om zelf duidelijk te zijn of niet.”

“Dat weet ik.”

“Je kunt haar hart niet veroveren als ze het niet ziet. Ze kan geen liefde geven als ze niet weet wat het is. Het zal altijd een flauwe afgeleide zijn van wat ze denkt dat het is. Een gedrocht, een kopie, een verlangen. LIefde is heus anders dan de meesten denken, het is geen passie of zware emotie, het is flinterdun, fluisterend merkbaar, sprankelend, helend, het geeft ruimte en lucht, en bovendien… je krijgt er altijd een goed humeur van.”

“Heeft u een liefde Lao?”

“Een? Laat dat “een” maar weg.” Lao knikte met een lichte glimlach toe en sloot langzaam zijn ogen.

De reiziger glimlachte bedroefd en begon langzaam aan de afdaling. Zijn humeur werd bij elke stap een beetje beter.

Draak en B vlogen over bergen en dalen, meren en oceanen. Ze vlogen de nacht uit en de dag in. Helemaal naar China.
Draak zette de daling in, en vloog over een onbetekenend landschap, langs onbetekenende bossen, scheerde recht op een onbetekenend dorpje af aan de voet van een onbetekenende berg.
Hij koerste op de top van de berg af. En lande vlak bij een grote kei met daarop in kleermakerszit een onbetekenende chinees. Met witte wenkbrauwen.
B sprong van Draak af en liep naar de Chinese man.
“Wie is dit nu Draak?”
“Dit is nu, Lao Tzoen.” zei Draak.
B was verbijsterd. Lao Tzoen! Hij had nooit gedacht ooit oog in oog met Lao Tzoen te staan. Van alle oosterse wijze mannen en vrouwen was dit wel de meest wijze.
Lao Tzoen had zijn ogen dicht en op zijn gezicht speelde een serene glimlach.
“Maar waarom zijn we hier Draak?”
“Nou, jouw hypothese, die gaan we testen bij Lao.”
B keek niet begrijpend.
“Ah… niet begrijpend.” sprak de wijze Lao ineens, z’n oogjes waren een klein beetje open, zijn stem klonk wat je mocht verwachten van een oosterse wijze, hoog en met een zwaar accent. “Niet begrijpend is goed.” hij knikte alsof hij met zichzelf instemde. “aah, en ik zie een Draak! Welkom Draak.”
Draak boog langzaam en Lao boog langzaam terug. Lao keek naar B. B boog ook maar. Lao begon te lachen en sloeg met zijn hand op zijn knie.
“Wat leuk dat je buigt!” riep Lao enthousiast. Zijn ogen waren verder open.
“Toen nou,” zei Draak vertel hem je hypothese.
B keek naar Draak en daarna naar Lao.
“Eh, nu gewoon beginnen?”
“Ja.” zei Draak.
En B vertelde over zijn idee, dat er veel geschreeuwd werd om papa’s en mama’s.
Lao luisterde uitermate geboeid, af en toe sperde hij zijn ogen ver open, en uitte een kleine kreet van verrassing.
B was aan het einde van zijn betoog, enigszins aangewakkerd door het enthousiasme van Lao wilde hij zijn hypothese nog eens dunnetjes overdoen, maar de kwade blik van Draak was voldoende om te stoppen.
B keek naar Lao en was nogal nieuwsgierig naar de reactie van de tja, min of meer allerwijste man allertijden.
Lao Tzoen knikte nog wat na, en leek diep onder de indruk.
“Werklijk heel bijzonder. Heel fascinerend… indrukwekkend ook.” zei hij met bewondering in zijn stem. “Ik zal het direct vergeten.”
Er viel een ongemakkelijke stilte en Lao sloot zijn ogen terwijl B zijn mond open viel.
“Eh… hoezo vergeten.” B keek licht wanhopig naar Draak.
“Eh meneer Tzoen?” De oogjes gingen weer een beetje open.
“Ja meneer B?”
“Wat bedoelt u met vergeten?”
“Wat bedoel ik met vergeten?”
“Ja, u vond het fascinerend wat ik vertelde, mijn hypothese, mijn verhaal…”
“Welk verhaal?” vroeg Lao zonder een spoortje van ironie.”
“Nou wat ik net vertelde… over papa’s en mama’s”
“Ah, werkelijk? Nou, dat klinkt interessant…”
B keek hulpeloos naar Draak.
“Ik denk dat hij het vergeten is, B, misschien moet je het nog een keer vertellen, maar dan een beetje anders?”
B kreeg het idee dat hij met in een bejaardentehuis was terecht gekomen, en interview met een demente filosoof moest houden.
“Nog een keer?” zei hij licht ontmoedigd. Toch vertelde hij het hele verhaal nog een keer, maar dan wat korter, kernachtig. En weer luisterde Lao met energieke aandacht, en B raakte weer enthousiaster. Lao moest lachen en keek verwonderd, en leek zeer onder de indruk van de hypothese.
“Ah, ja ja, dus als ik u goed begrijp, zoekt u de dingen die u van uw ouders had moeten krijgen maar niet hebt gekregen in andere dingen, dingen buiten uzelf?’
B keek opgelucht, het leek of Lao het begreep, en niet vergat.
“Ja ja, ongelofelijk inzicht nietwaar zeer mooi, poetisch bijna. Prachtig. Ja, ik zal het direct vergeten.”
B keek nu alsof hij water zag branden, Draak grinnikte en produceerde per ongeluk een rookwolkje.
“Misschien moet je het nog korter en bondiger vertellen B.” zei hij, duidelijk zijn lachen inhoudend.
“Wat een onzin.” zei B.

Piekergedachten zijn als kleiduiven.

Lao Tzoen,
(1375- 2003)

“Zodra je het vermoeden hebt,

dat je er later om kunt lachen,

zou ik alvast maar beginnen.”

lao tzoen

(1375- 2003)

categorieën

Recente berichten

Archief

 

november 2009
M D W D V Z Z
« Okt    
 1
2345678
9101112131415
16171819202122
23242526272829
30